Composiet gevelbekleding plaatsen: de handleiding stap voor stap
Composiet gevelbekleding plaatsen: de handleiding stap voor stap
- Bescherm de ondergrond met een waterkerende, dampopen folie.
- Plaats het regelwerk (houten of metalen regels) met een hart-op-hartafstand van maximaal 600 mm (400 mm voor WEO® Essential), beschermd met EPDM-band.
- Zorg voor achterventilatie: 20 mm luchtspouw, ventilatieopeningen onder en boven, 150 mm vrije ruimte tot de grond.
- Kalibreer elke plank voor de montage.
- Plaats en schroef de planken volgens de gekozen richting: horizontaal van onder naar boven, verticaal op een dubbel regelwerk.
- Houd 5 mm uitzettingsvoeg aan en werk af met de aluminium profielen.
Goed geplaatst blijft composiet gevelbekleding jarenlang stabiel, geventileerd en mooi. Deze handleiding geldt voor alle WEO® gevelbekleding en zet de montagevoorschriften stap voor stap op een rij: materiaal, regelwerk, ventilatie, verticale of horizontale montage, bevestiging en afwerking, bij nieuwbouw en renovatie.
De maten en schroefreferenties komen uit de technische handleiding van WEO®35 en WEO®60, de meest geplaatste planken. Voor WEO® Essential en WEO® 120-60 gelden dezelfde principes (geventileerd regelwerk, luchtspouw, uitzetting van 1 mm per strekkende meter); alleen de hart-op-hartafstand verschilt bij WEO® Essential (400 mm). Controleer de details van de bevestiging in hun productblad.
Welk materiaal en gereedschap heb je nodig voor composiet gevelbekleding?
Leg voor je begint het juiste materiaal en gereedschap klaar:
- De WEO® gevelplanken van de gekozen reeks:
- WEO®35 en WEO®60: open-lamellenlook, 170 mm totale breedte, 140 mm werkende breedte, lengtes 2,90 m of 3,90 m.
- WEO® Essential: rabatprofiel met tand en groef, 15 × 173 mm, lengtes 2,90 m of 3,90 m, onzichtbare bevestiging. Let op: het regelwerk vraagt een hart-op-hartafstand van 400 mm.
- WEO® 120-60: open-lamellenlook met twee breedtes (120 en 60 mm) op één plank, lengte 3,90 m.
- Het regelwerk: houten regels van gebruiksklasse 2 met beschermband, of 3b, sterkteklasse minimaal C18, of een metalen onderconstructie.
- Een waterkerende, dampopen folie en EPDM-band om de regels te beschermen.
- De rvs-schroeven: zelfborende rvs-schroeven voor WEO® Essential en WEO® 120-60; voor WEO®35 en WEO®60 de Fiberdeck rvs-schroeven A2:
- Onzichtbare bevestiging (verticale montage): schroeven 4,2 × 32 mm, ref. FD1940, doos van 200 stuks.
- Zichtbare bevestiging: schroeven 4,2 × 38 mm met gekleurde kop, ref. FD1447 tot FD1451 volgens de kleur, doos van 100 stuks met T20-bit.
- De bijpassende afwerkingsprofielen in gelakt aluminium: F-profiel 65 × 80 mm, Click-profiel 50 × 50 mm of 35 × 41 mm. Voor WEO® Essential: aluminium startprofiel en gelakte hoekprofielen 35 × 45 mm.
- Een afkortzaag op tafel om op lengte te zagen.
- Een schroefmachine met slipkoppeling of diepteaanslag. Een slagschroevendraaier is uit den boze: een te diep gedraaide schroefkop kan de plank doen scheuren.
Reken voor WEO®35 en WEO®60 op ongeveer 12 schroeven per m² (hart-op-hart 600 mm) en 2,46 planken per m² in 2,90 m of 1,83 plank per m² in 3,90 m.
De montagestappen van composiet gevelbekleding
De montage van WEO® planken volgt een vaste volgorde, van de bescherming van de ondergrond tot de afwerking. De video toont een volledige montage van WEO®35:
Stap 1:planken opslaan en de ondergrond beschermen
Composiet is gevoelig voor kruip: sla de planken altijd vlak op, over hun volle lengte ondersteund, onder het beschermzeil van de pallet en zonder gewicht erop. Draag ze per stuk of per twee, op hun kant. Op de werf begin je met het afrollen en bevestigen van de folie op de ondergrond.
Stap 2:het regelwerk plaatsen
Het regelwerk vangt de windbelasting op en houdt de bekleding op afstand van de muur. De sectie hangt af van de ondergrond:
- Rechtstreeks op metselwerk (snelbouw, beton): regels van 27 × 40 mm.
- Met buitengevelisolatie: een eerste laag balken van 60 × 40 mm, daarna een tweede laag regels van 27 × 40 mm.
- Metalen onderconstructie: regels en hoekbeugels volgens het Cahier du CSTB 3194_V2, met minimaal 30 mm steunbreedte op de stijl.
De hart-op-hartafstand van de regels is maximaal 600 mm voor WEO®35, WEO®60 en WEO® 120-60 (645 mm bij houtskeletbouw voor WEO®35 en WEO®60) en 400 mm voor WEO® Essential. Verdubbel de regels ter hoogte van de plankstoten: bij volle lengtes van 2,90 m of 3,90 m voorzie je 300 mm hart-op-hart aan de uiteinden. Bescherm de regels met EPDM-band.

Stap 3:achterventilatie en afstand tot de grond verzekeren
Tussen de achterkant van de planken en de dragende muur, of de isolatie, moet een doorlopende luchtspouw van minimaal 20 mm blijven. Voorzie ventilatie onder en boven, met een opening van 15 mm aan de dakrand, de dagkant en de latei. Aan de voet van de gevel houd je 150 mm vrij tot het afgewerkte maaiveld; op een harde ondergrond met metalen onderconstructie mag dat 50 mm zijn.

Stap 4:planken kalibreren en zagen
De planken kunnen een productieoverlengte tot 10 mm hebben. Zaag ze daarom altijd met de afkortzaag op de gewenste maat, voor haakse kanten en strakke voegen.

Stap 5:de planken plaatsen en bevestigen
De bevestiging hangt af van de montagerichting: zichtbaar geschroefd bij horizontale montage, onzichtbaar of zichtbaar bij verticale montage. Beide methodes staan in het volgende deel. In alle gevallen valt de stoot van twee planken altijd op een regel, en rust de schroefkop zonder druk op de plank.
Stap 6:rekening houden met uitzetting en afwerken
WEO® planken zetten ongeveer 1 mm per strekkende meter uit bij 40 °C temperatuurverschil: een plank van 3,90 m die van 5 °C 's ochtends naar 40 °C 's middags gaat, wordt zo'n 3 mm langer. Laat daarom 5 mm voeg tussen elk plankeinde en elk obstakel (kozijn, muur, hoek, andere plank). Werk voegen en zaagsneden daarna af met de bijpassende gelakte aluminium profielen (F-profiel of Click-systeem), aan buiten- en binnenhoeken en rond openingen.
Verticaal of horizontaal plaatsen: wat is het verschil?
Alle WEO® planken (WEO®35, WEO®60, WEO® Essential en WEO® 120-60) kun je zowel horizontaal als verticaal plaatsen. De keuze is in de eerste plaats esthetisch, maar ze verandert de opbouw van het regelwerk en de bevestiging. De tabel vat de voorschriften van de handleiding voor WEO®35 en WEO®60 samen.
| Criterium | Horizontale montage | Verticale montage |
|---|---|---|
| Regelwerk | Eén laag verticale regels | Dubbel, gekruist regelwerk zodat de lucht van onder naar boven stroomt |
| Bevestiging | Zichtbaar: één gekleurde schroef in één enkele groef | Onzichtbaar: schroef FD1940 in de onderste tand. Zichtbaar mogelijk |
| Hart-op-hartafstand | maximaal 600 mm | maximaal 600 mm |
| Montagerichting | Van onder naar boven, rij per rij, tand naar boven | Plank per plank, elke plank geschroefd op de regels van de buitenste laag |
| Uitstraling | Klassieke lijnen, de gevel lijkt breder | Hedendaags effect, de gevel lijkt hoger |
Horizontale montage van composiet gevelbekleding
Plaats de planken van onder naar boven, rij per rij en niet in verticale stroken, zodat je planken en voegen gaandeweg kunt uitlijnen. De groef zit onderaan en de tand bovenaan, zodat er geen water blijft staan.
In de vlakke delen plaats je op elke regel één gekleurde schroef (ref. FD1447 tot FD1451) in één enkele groef, dus om de 600 mm. Boor de plank voor op Ø 6 mm zodat ze kan uitzetten, houd 15 mm afstand tot het plankeinde en tot de rand van de houten regels, en schroef zonder te forceren.

Verticale montage van composiet gevelbekleding
Verticale montage vraagt een dubbel, gekruist houten regelwerk, zodat de lucht achter de planken van onder naar boven kan stromen. De buitenste laag, waarop de planken komen, wordt beschermd met EPDM-band.
Bevestig elke plank op elke regel (hart-op-hart 600 mm) met een schroef FD1940 in de onderste tand: de bevestiging blijft onzichtbaar. Aan hoeken en aansluitingen voeg je een gekleurde schroef toe in de golf (ref. FD1447 tot FD1451). Voor zichtbaar schroeven kun je de FD1940 vervangen door de gekleurde schroeven, volgens dezelfde voorschriften als bij horizontale montage.

Fiberdeck biedt meerdere reeksen voor verschillende breedtes en uitstralingen: naast de bestsellers WEO®35 en WEO®60 heb je ook de keuze uit WEO® Essential en WEO® 120-60, afhankelijk van de gewenste gevelstijl.
Montagefouten om te vermijden
De meeste problemen met composiet gevelbekleding komen niet van het materiaal, maar van de montage. Hier moet je op letten:
- De luchtspouw verkleinen of weglaten door de planken tegen de ondergrond te plaatsen: de gevel kan niet meer ademen.
- De ventilatieopeningen onder en boven afsluiten (vuile roosters, puin): de luchtcirculatie valt weg.
- Bij verticale montage een enkel regelwerk plaatsen: zonder dubbel regelwerk circuleert de lucht niet meer.
- De folie of het EPDM-band op de regels vergeten: water bereikt de ondergrond en de bevestigingen.
- De uitzettingsvoegen van 5 mm vergeten, of twee planken tussen twee regels laten stoten.
- Een slagschroevendraaier gebruiken of te hard aandraaien: de schroefkop zakt weg en veroorzaakt een scheur.
- Planken opslaan op ver uit elkaar liggende steunpunten: ze vervormen door kruip.
Na de montage: onderhoudsvrij composiet
De polyethyleenlaag uit de co-extrusie omhult het hele oppervlak van de planken: ze beschermt tegen vocht, vlekken en uv, met 20 jaar kleurvastheid zonder zichtbare verkleuring. Een opfrisbeurt is nooit nodig: reinigen met een mild huishoudelijk schoonmaakmiddel volstaat, zonder schuurmiddel. Na een schok kun je een beschadigde plank afzonderlijk vervangen; de werkwijze staat in de montagehandleiding WEO®.
Het WEO® systeem heeft een Avis Technique van het CSTB (nr. 2.2_23-1855_V1) en de planken voldoen aan de productnorm EN 15534.
Veelgestelde vragen over het plaatsen van composiet gevelbekleding
Welke hart-op-hartafstand voor het regelwerk van composiet gevelbekleding?
De hart-op-hartafstand van de regels is in de vlakke delen maximaal 600 mm voor WEO®35, WEO®60 en WEO® 120-60 (645 mm bij houtskeletbouw voor WEO®35 en WEO®60) en 400 mm voor WEO® Essential. Aan de plankeinden worden de regels verdubbeld met 300 mm hart-op-hart, zodat elk uiteinde bevestigd kan worden.
Welke sectie van regels gebruik je?
Rechtstreeks op metselwerk regels van 27 × 40 mm. Met buitengevelisolatie een eerste laag balken van 60 × 40 mm en daarna een tweede laag regels van 27 × 40 mm. Het hout moet gebruiksklasse 2 met beschermband of 3b hebben en minimaal sterkteklasse C18.
Hoe bevestig je de planken bij horizontale montage?
Bij horizontale montage is de bevestiging zichtbaar: een rvs-schroef A2 met gekleurde kop (ref. FD1447 tot FD1451) in één enkele groef, op elke regel. Voorboren op Ø 6 mm, 15 mm afstand tot het plankeinde houden en zonder forceren schroeven.
Is een onzichtbare bevestiging mogelijk?
Ja, bij verticale montage: de schroef FD1940 komt in de onderste tand van de plank en wordt verborgen door de volgende plank.
Hoeveel uitzettingsvoeg moet je laten?
5 mm tussen elk plankeinde en elk obstakel: andere plank, kozijn, muur of hoek. De planken zetten ongeveer 1 mm per strekkende meter uit bij 40 °C temperatuurverschil.
Gevelbekleding horizontaal of verticaal plaatsen?
Beide kunnen met alle WEO® reeksen: de keuze is vooral esthetisch. Horizontale montage vraagt een enkel regelwerk, verticale montage een dubbel, gekruist regelwerk voor de ventilatie.
Ontwerp je gevel met WEO® composiet gevelbekleding
Co-extrusie planken met 20 jaar garantie, bijpassende aluminium afwerking en aangepaste schroeven: bereid je project voor met het volledige WEO® gamma van Fiberdeck.